Het pensioen in eigen beheer was decennialang de standaard voor DGA’s die hun pensioen via de BV wilden regelen. In 2017 is deze regeling afgeschaft. Sindsdien worstelen veel DGA’s met de gevolgen: wat is er met mijn opgebouwde pensioen gebeurd? Wat is de oudedagsverplichting (ODV)? En hoe bouw ik nu pensioen op? In dit artikel zetten we alles op een rij.
Wat was pensioen in eigen beheer?
Het pensioen in eigen beheer (PEB) was een regeling waarmee de BV pensioenaanspraken opbouwde voor de DGA. In plaats van premies af te dragen aan een verzekeraar of pensioenfonds, bleef het geld in de BV. Op de balans stond een pensioenverplichting, en op pensioendatum keerde de BV maandelijks pensioen uit.
Waarom is het afgeschaft?
Het systeem had drie fundamentele problemen:
- Verschil fiscale en commerciële waarde: de fiscale waarde van de pensioenverplichting (op de balans) was veel lager dan de werkelijke (commerciële) waarde. Dit verschil kon oplopen tot 40-50%.
- Dividendklem: door de hoge commerciële waarde kon de BV vaak geen dividend uitkeren, ook al was er voldoende cash. Het eigen vermogen was op papier negatief.
- Complexiteit: de regeling was ingewikkeld, leidde tot veel geschillen (ook bij echtscheiding) en was voor veel DGA’s ondoorgrondelijk.
Per 1 april 2017 is het PEB afgeschaft. Nieuwe opbouw is niet meer mogelijk. Voor bestaande aanspraken moest u vóór 1 juli 2019 een keuze maken.
De drie keuzes bij uitfasering
DGA’s met een PEB kregen drie opties:
Optie 1: Afkoop met korting
U koopt uw volledige pensioenaanspraak af. De BV keert het bedrag (de fiscale waarde) in één keer uit. Over dit bedrag betaalt u inkomstenbelasting in Box 1, maar met een korting op de grondslag:
- 2017: 34,5% korting
- 2018: 25% korting
- 2019: 19,5% korting
Voorbeeld: bij een fiscale waarde van €200.000 en afkoop in 2018 was de belastbare grondslag €150.000 (25% korting). Dit kon een aantrekkelijke optie zijn, met name als u al in een lager belastingtarief viel.
Na afkoop is de pensioenverplichting volledig van de balans en is de dividendklem opgeheven.
Optie 2: Omzetten naar een ODV
U zet de pensioenaanspraak om naar een oudedagsverplichting (ODV). De fiscale waarde van het PEB wordt omgezet naar een ODV-aanspraak, die jaarlijks wordt opgerent en op termijn in 20 jaar wordt uitgekeerd.
Dit was de meest gekozen optie voor DGA’s die het geld in de BV wilden houden.
Optie 3: Niets doen (premievrij voortzetten)
U maakt geen keuze. Het PEB blijft premievrij op de balans staan. Er wordt geen nieuw pensioen opgebouwd, maar de bestaande aanspraken blijven bestaan — inclusief alle nadelen (dividendklem, complexe waardering, partnerproblematiek).
Let op: heeft u in 2019 niets gekozen, dan zit u nog steeds met het oude PEB op de balans. Raadpleeg een adviseur om te beoordelen of alsnog actie nodig is.
De ODV: hoe werkt het?
De oudedagsverplichting is een aanspraak op een reeks gelijke uitkeringen over een periode van 20 jaar, ingaand op uw AOW-leeftijd.
Kernpunten van de ODV
- Startbedrag: de fiscale waarde van uw PEB op het moment van omzetting
- Oprenting: jaarlijks met het U-rendement (marktrente), gepubliceerd door het CBS
- Uitkeringsduur: 20 jaar, ingaand op AOW-leeftijd
- Vervroegen: maximaal 5 jaar eerder laten ingaan (dan 25 jaar uitkeringsduur)
- Belasting: uitkeringen zijn belast in Box 1 als loon uit vroegere dienstbetrekking
Berekening van de ODV-uitkering
De jaarlijkse uitkering wordt berekend op basis van de waarde van de ODV op het moment dat de uitkeringen ingaan, gedeeld over 20 jaar (of 25 jaar bij vervroegde ingang).
Voorbeeld berekening:
Stel, u heeft in 2017 uw PEB omgezet naar een ODV met een startwaarde van €250.000. Het gemiddelde U-rendement over de oprentingsperiode is 3%.
Na 10 jaar oprenting (2017-2027):
- Waarde ODV: €250.000 × (1,03)^10 = circa €335.979
Jaarlijkse uitkering over 20 jaar (vereenvoudigd, zonder verdere oprenting tijdens uitkeringsfase):
- €335.979 ÷ 20 = circa €16.799 bruto per jaar
In werkelijkheid wordt tijdens de uitkeringsfase ook opgerent over het resterende saldo, waardoor de berekening complexer is. Uw boekhouder maakt de exacte berekening.
Verplichtingen tijdens de opbouwfase
Zolang de ODV nog niet wordt uitgekeerd, geldt:
- De BV moet de ODV jaarlijks oprenten met het U-rendement
- De oprenting wordt bijgeboekt op de ODV-verplichting op de balans
- De oprenting is niet aftrekbaar voor de vennootschapsbelasting
- De BV moet voldoende middelen aanhouden om de toekomstige uitkeringen te kunnen doen
ODV in 2026: actuele stand van zaken
In 2026 is de ODV inmiddels bijna 9 jaar oud. Voor veel DGA’s nadert het moment dat de uitkeringen gaan starten — zeker als zij al rond de 60 jaar zijn.
U-rendement 2026
Het U-rendement is de afgelopen jaren gestegen. In 2026 ligt het rendement rond de 4%. Dit betekent dat de ODV sneller groeit dan in de jaren 2017-2021, toen het U-rendement vrijwel nul was. Voor DGA’s die nog enkele jaren te gaan hebben tot de uitkeringsdatum, leidt dit tot een hogere ODV-waarde en dus hogere uitkeringen.
Aandachtspunten
- Liquiditeit: heeft de BV voldoende liquide middelen om de uitkeringen te kunnen doen? Als het vermogen vastligt in vastgoed of deelnemingen, kan dit problemen opleveren.
- Balanscontrole: controleer jaarlijks of de ODV correct is opgerent en of de waarde op de balans klopt.
- Communicatie met partner: de ODV heeft gevolgen voor uw partner bij scheiding of overlijden. Zorg dat afspraken schriftelijk zijn vastgelegd.
ODV afkopen: kan dat nog?
Ja, u kunt de ODV op elk moment afkopen. Maar de fiscale gevolgen zijn aanzienlijk:
- U betaalt inkomstenbelasting in Box 1 over het volledige afkoopbedrag
- Bij een afkoopbedrag van €250.000 betaalt u al snel 49,50% over een groot deel
- Er kan revisierente (20%) verschuldigd zijn als de afkoop plaatsvindt vóór de reguliere ingangsdatum
Rekenvoorbeeld afkoop in 2026:
ODV-waarde: €300.000
Inkomstenbelasting (indicatief, ervan uitgaand dat u al DGA-salaris van €58.000 ontvangt):
- Het volledige bedrag valt in de hoogste schijf: €300.000 × 49,50% = €148.500
- Eventueel revisierente: €300.000 × 20% = €60.000
Totale belastingdruk: tot €208.500 op een waarde van €300.000. Afkoop is daarom in de meeste gevallen onvoordelig en alleen zinvol in bijzondere omstandigheden (bijvoorbeeld bij emigratie of ernstige liquiditeitsproblemen van de BV).
ODV overdragen naar verzekeraar of bank
Een alternatief voor afkoop is het overdragen van de ODV naar een professionele verzekeraar of bank. De BV maakt dan het ODV-bedrag over naar de externe partij, die vervolgens de uitkeringen voor haar rekening neemt.
Voordelen van overdracht
- Zekerheid: de uitkeringen zijn niet langer afhankelijk van de financiële gezondheid van uw BV
- Vereenvoudiging: de BV is verlost van de ODV-verplichting op de balans
- Professioneel beheer: de verzekeraar of bank beheert het vermogen
Nadelen
- Rendement: een verzekeraar biedt doorgaans een lager rendement dan u in de BV zou kunnen behalen
- Kosten: de externe partij rekent beheerkosten
- Onherroepelijk: eenmaal overgedragen kunt u niet meer terug
Fiscale gevolgen
De overdracht is fiscaal neutraal — u betaalt geen belasting op het moment van overdracht. De uitkeringen worden later belast in Box 1, net als bij een ODV die in de BV blijft.
DGA-pensioen opbouwen in 2026: alternatieven
Nu het PEB is afgeschaft, moet u als DGA op andere manieren voor uw pensioen zorgen. Er zijn diverse alternatieven.
1. Lijfrente (jaarruimte en reserveringsruimte)
Als DGA kunt u gebruikmaken van de jaarruimte om fiscaal aftrekbaar pensioen op te bouwen via een lijfrente bij een verzekeraar of bank. De jaarruimte bedraagt in 2026 maximaal circa 30% van uw premiegrondslag, verminderd met de AOW-franchise en eventuele pensioenopbouw.
Voorbeeld: bij een DGA-salaris van €58.000 en geen andere pensioenopbouw is de jaarruimte circa €7.500 - €10.000 (afhankelijk van uw leeftijd en de exacte berekening). Dit bedrag kunt u aftrekken in Box 1.
Heeft u in voorgaande jaren niet volledig gebruikgemaakt van de jaarruimte, dan kunt u de reserveringsruimte benutten (tot 7 jaar terug).
2. Vermogen opbouwen in de BV
Een pragmatische aanpak: laat winst in de BV staan en beleg deze. De BV betaalt vennootschapsbelasting over het rendement (19% tot €200.000, 25,8% daarboven), wat vaak voordeliger is dan privé beleggen in Box 3.
Op pensioendatum keert u geleidelijk dividend uit. U betaalt dan Box 2-belasting (24,5%/31%), maar kunt dit spreiden over meerdere jaren om de progressie te beperken.
3. Extern pensioen via verzekeraar
U kunt als DGA pensioen opbouwen bij een externe verzekeraar of pensioenfonds. De BV betaalt de premies, die aftrekbaar zijn voor de vennootschapsbelasting. De opbouw is gebonden aan de fiscale maxima (Wet Toekomst Pensioenen).
4. Combinatie
In de praktijk kiezen veel DGA’s voor een combinatie: een lijfrente voor de fiscale aftrek, vermogensopbouw in de BV voor flexibiliteit en eventueel een klein extern pensioen voor zekerheid.
Vergelijking alternatieven
| Alternatief | Fiscaal aftrekbaar | Flexibiliteit | Zekerheid | Rendement |
|---|---|---|---|---|
| Lijfrente | Ja (Box 1) | Beperkt | Hoog | Marktafhankelijk |
| Vermogen in BV | Nee (Vpb) | Hoog | Afhankelijk van BV | Vrij te kiezen |
| Extern pensioen | Ja (Vpb) | Beperkt | Hoog | Marktafhankelijk |
| Combinatie | Deels | Gemiddeld | Gemiddeld-hoog | Gemiddeld |
Aandachtspunten bij (ex-)partner
Het pensioen in eigen beheer en de ODV hebben belangrijke gevolgen voor uw partner — zowel tijdens het huwelijk als bij scheiding.
Tijdens het huwelijk
- De ODV gaat bij overlijden over op uw partner (of kinderen)
- Uw partner heeft mogelijk een bijzonder partnerpensioen dat in het verleden is toegezegd
- Het PEB/ODV valt doorgaans in de huwelijksgemeenschap
Bij scheiding
- De Wet Verevening Pensioenrechten is van toepassing op het oude PEB
- Bij omzetting naar ODV moet de ex-partner instemmen
- Vaak wordt een deel van de ODV toebedeeld aan de ex-partner
- Dit leidt regelmatig tot complexe situaties, zeker als de BV onvoldoende middelen heeft
Tip: leg afspraken over de ODV bij scheiding altijd vast in het echtscheidingsconvenant en laat dit fiscaal toetsen.
Veelgemaakte fouten
ODV niet of incorrect oprenten
De jaarlijkse oprenting is verplicht. Vergeet u dit, dan klopt de balans niet en riskeert u correcties van de Belastingdienst.
Geen reservering voor toekomstige uitkeringen
De ODV is een verplichting die de BV moet nakomen. Als het vermogen van de BV volledig is geïnvesteerd (bijvoorbeeld in vastgoed), kan er een liquiditeitsprobleem ontstaan op het moment dat de uitkeringen moeten starten.
Premievrij PEB negeren
DGA’s die in 2019 niets hebben gekozen, vergeten soms dat het oude PEB nog op de balans staat. De dividendklem en complexe waardering blijven dan bestaan. Bespreek met uw adviseur of er alsnog actie mogelijk is.
Fiscale gevolgen bij emigratie onderschatten
Bij emigratie kan een conserverende aanslag worden opgelegd over de waarde van uw ODV. Dit kan een forse belastingclaim opleveren. Laat u tijdig adviseren als u overweegt naar het buitenland te verhuizen.
Partner niet betrekken
Beslissingen over de ODV raken ook uw partner. Betrek hem of haar bij keuzes over afkoop, overdracht of uitkeringstermijn.
Disclaimer: dit artikel is informatief bedoeld en geen persoonlijk fiscaal advies. Regelgeving rondom pensioen in eigen beheer en ODV is complex en situatieafhankelijk. Tarieven zijn gebaseerd op de stand per maart 2026. Raadpleeg altijd een gespecialiseerde adviseur.
Wetaxus begeleidt uw DGA-pensioenplanning
Bij Wetaxus helpen wij DGA’s met het in kaart brengen van hun ODV, het doorrekenen van alternatieven en het maken van de juiste keuzes voor de toekomst. Of het nu gaat om het correct oprenten van uw ODV, het vergelijken van afkoop versus doorlopen, of het opzetten van een nieuwe pensioenstructuur — wij denken met u mee. Bekijk onze tarieven voor BV-boekhouding of lees meer over onze holdingstructuur-begeleiding.
Veelgestelde vragen
Kan ik nog pensioen opbouwen in mijn eigen BV?
Nee, het opbouwen van pensioen in eigen beheer is per 1 april 2017 afgeschaft. U kunt als DGA wel pensioen opbouwen via een extern pensioenfonds of verzekeraar, of via een lijfrentevoorziening. Daarnaast kunt u vermogen opbouwen in de BV door beleggingen of reserveringen.
Wat is de oudedagsverplichting (ODV)?
De ODV is de opvolger van het pensioen in eigen beheer. Bij uitfasering in 2017-2019 kon u uw pensioenverplichting omzetten naar een ODV. Dit is een aanspraak op een reeks gelijke uitkeringen over 20 jaar, die ingaan op uw AOW-leeftijd (of tot 5 jaar eerder).
Hoeveel rente groeit de ODV jaarlijks?
De ODV wordt jaarlijks opgerent met het U-rendement (marktrente). In 2026 ligt dit rendement rond de 4%. Deze oprenting is verplicht en verhoogt de waarde van uw ODV op de balans van de BV. De BV mag deze oprenting niet aftrekken van de winst.
Kan ik de ODV eerder laten uitkeren dan mijn AOW-leeftijd?
Ja, u kunt de ODV-uitkering maximaal 5 jaar voor uw AOW-leeftijd laten ingaan. De uitkering is dan wel lager, omdat hetzelfde bedrag over een langere periode (25 jaar in plaats van 20 jaar) wordt uitgesmeerd.
Wat gebeurt er met de ODV bij overlijden?
Bij overlijden gaat de ODV over op uw nabestaanden (partner en/of kinderen). De resterende termijnen worden aan hen uitgekeerd. Dit verloopt buiten de erfbelasting om, maar de uitkeringen zijn wel belast in Box 1 als loon uit vroegere dienstbetrekking.
Wat als ik in 2019 niets heb gekozen?
Als u vóór 1 juli 2019 geen keuze heeft gemaakt, is uw pensioen in eigen beheer premievrij voortgezet. Dit betekent dat de oude pensioenaanspraken ongewijzigd op de balans staan, inclusief de dividendklem. Raadpleeg een adviseur om uw opties te bespreken.
Kan ik de ODV in één keer afkopen?
Ja, afkoop is mogelijk. U betaalt dan inkomstenbelasting in Box 1 over het volledige bedrag (35,75%/37,56% of 49,50% afhankelijk van uw inkomen). Daarnaast kan revisierente verschuldigd zijn als u de ODV afkoopt vóór de reguliere uitkeringsdatum. Afkoop is meestal onvoordelig.